Denier, gusset, sheer-to-waist, sandal toe, ouvert... De pantywereld heeft in de loop der jaren een indrukwekkende hoeveelheid termen verzameld. Sommige spreken voor zich, andere klinken alsof je eerst een textielopleiding van vier jaar moet volgen. In Het Grote Panty Woordenboek leggen we ze van A tot Z uit. Nederlandse woorden, Engelse vaktermen, ouderwetse benamingen en natuurlijk een paar begrippen die alleen bij SOSHIN een officiële status hebben gekregen.
Snel naar een letter:
A · B · C · D · E · F · G · H · I · J · K · L · M · N · O · P · Q · R · S · T · U · V · W · X · Y · Z
Achternaad – Zichtbare verticale lijn over de achterkant van het been. In het Engels meestal backseam. Een klassiek kenmerk van veel naadpanty's en naadkousen.
Afzakken – Het ongewenste verschijnsel waarbij een panty tijdens het dragen naar beneden kruipt. Zowel een te grote als een te kleine panty kan afzakken; ook pasvorm, tailleband, materiaal en slijtage kunnen een rol spelen.
All sheer – Engelse term voor een panty waarbij dun, transparant materiaal vrijwel volledig doorloopt tot aan de taille. Zie ook sheer-to-waist.
Anti-ladder / anti-run – Benaming voor panty's waarvan de constructie of het garen is ontwikkeld om te voorkomen dat een beschadiging gemakkelijk uitloopt tot een lange ladder. Niet hetzelfde als onverwoestbaar; ook anti-ladderpanty's hebben nog steeds een hekel aan scherpe nagels en splinters.
Backseam – Engelse benaming voor de zichtbare achternaad van een panty of kous. Zie ook achternaad en naadpanty.
Bare look – Uitstraling waarbij de panty zo dun, transparant en natuurlijk mogelijk oogt, zodat je benen bijna bloot lijken.
Basispanty – Effen panty zonder opvallende patronen of versieringen, bedoeld als veelzijdige basis voor dagelijks gebruik, werk of nette gelegenheden. Bekijk onze basispanty's.
Beenmode – Verzamelnaam voor artikelen die op of rond de benen worden gedragen, zoals panty's, kousen, maillots, leggings, kniekousen en sokken.
Bodystocking – Nauw aansluitend kledingstuk van panty- of netachtig materiaal dat een groot deel van het lichaam bedekt. Technisch geen panty, maar wel familie genoeg om regelmatig op hetzelfde feestje te verschijnen.
Boxer brief – Duidelijk zichtbaar, verstevigd broekgedeelte bovenaan een panty dat qua vorm wat op een kort broekje lijkt. Geeft vaak extra stevigheid, maar is minder geschikt wanneer je onder zeer korte kleding juist géén zichtbaar broekgedeelte wilt.
Broekgedeelte – Bovenste deel van een panty dat taille, heupen en kruis omsluit en de twee benen met elkaar verbindt.
Comfortband – Brede of zachte tailleband die bedoeld is om comfortabel aan te sluiten zonder sterk in de huid te snijden.
Compressie – Gerichte druk die door ondersteunende beenmode wordt uitgeoefend. Bij medische compressie gelden specifieke drukklassen; gewone steunpanty's en modeartikelen zijn daarmee niet automatisch vergelijkbaar.
Compression tights – Engelse benaming voor compressie- of ondersteunende panty's die druk op de benen uitoefenen.
Control top – Verstevigd bovenstuk van een panty dat buik, taille, heupen of billen gladder kan laten ogen. Zie ook corrigerende panty en shaping.
Corrigerende panty – Panty met verstevigde zones die het silhouet ondersteunen of gladder laten ogen. Omdat de constructie anders is dan bij een gewone panty hebben deze modellen vaak een eigen maattabel. Bekijk onze corrigerende panty's.
Cotton gusset – Engels voor een katoenen inzet- of kruisstuk. Bedoeld voor extra comfort en vaak ook een prettiger gevoel tegen de huid.
Crotchless – Engelse benaming voor een panty of ander kledingstuk met een open kruisje. Ook bekend als open kruis panty, kruisloze panty, ouvert en, afhankelijk van het model, strippanty.
Cuban heel – Klassieke verstevigde hiel met een relatief brede, hoekige vorm. Vooral bekend van vintage kousen en modellen met achternaad. Ondanks de naam hoeft er geen enkele Cubaan aan te pas te zijn gekomen.
Dekkend – Panty waarbij weinig tot vrijwel geen huid door de stof zichtbaar is. Hoe dekkend een panty oogt hangt niet alleen af van denier, maar ook van kleur, materiaal, breitechniek en hoeveel de stof wordt uitgerekt.
Demi-opaque – Engelse term voor beenmode die meer bedekt dan een transparante panty, maar nog niet volledig ondoorzichtig is. Zie ook semi-opaque.
Denier / DEN – Eenheid die het gewicht van het garen aangeeft: één denier is gebaseerd op het aantal gram per 9.000 meter garen. Bij panty's geldt meestal dat een lager getal dunner en transparanter oogt en een hoger getal dikker en dekkender. Maar denier alleen vertelt nooit het hele verhaal.
Dtex – Textiele meeteenheid voor lineaire garendichtheid. Eén decitex geeft het gewicht in gram van 10.000 meter garen aan. Je komt dtex minder vaak tegen op consumentenverpakkingen dan denier, maar fabrikanten gebruiken het wel in technische specificaties.
Dubbel kruisstuk – Extra ruim of dubbel uitgevoerd kruisgedeelte, vaak gebruikt bij grotere maten om meer ruimte, stevigheid of draagcomfort te bieden.
Elastaan – Zeer elastische synthetische vezel die panty's rek, herstelvermogen en een aansluitende pasvorm geeft. Spandex is vooral de Amerikaanse naam; Lycra is een merknaam voor elastaan.
Elastische tailleband – Rekbare band bovenaan de panty die ervoor zorgt dat het artikel rond de taille of heupen blijft zitten.
Extra sheer – Zeer transparante panty, doorgaans met dun garen en een lichte, bijna onzichtbare uitstraling op het been.
Fashionpanty – Panty waarbij kleur, patroon, structuur, glans of andere decoratieve details bewust onderdeel van de outfit zijn.
Fiber content – Engelse term voor materiaalsamenstelling: de percentages nylon, polyamide, elastaan, katoen, wol of andere vezels waaruit het artikel bestaat.
Fishnet – Engelse benaming voor netstructuur of visnet. Zie ook netpanty en visnetpanty.
Flat seam – Platte naad die minder dik bovenop de huid ligt dan een traditionele naad en daardoor vaak prettiger zit en minder zichtbaar is onder aansluitende kleding.
Fleece-lined tights – Engelse term voor gevoerde panty's met een zachte, warme binnenzijde. Populair bij winter- en thermomodellen.
Footless – Panty- of maillotachtig artikel dat bij de enkels stopt en de voeten vrijlaat. Lijkt sterk op een legging, maar kan uit fijner pantymateriaal zijn gemaakt.
French heel – Klassieke verstevigde hiel met een smallere, taps toelopende vorm dan de bredere Cuban heel. Vooral bekend van vintage kousen.
Fully fashioned – Traditionele manier van kousen produceren waarbij de vorm tijdens het breien wordt opgebouwd. Klassieke fully fashioned stockings hebben meestal een echte achternaad en worden vaak geassocieerd met vintage beenmode.
Garen – Draad waaruit de panty wordt gebreid. Samenstelling, dikte, structuur en elasticiteit van het garen hebben grote invloed op uiterlijk, gevoel en draagbaarheid.
Gauge – Technische aanduiding voor de fijnheid of dichtheid van het breiwerk. Een hogere gauge betekent doorgaans fijner en dichter breiwerk.
Glans – Mate waarin het materiaal licht weerkaatst. Kan variëren van een subtiele satijngloed tot uitgesproken hoogglans.
Glanspanty – Panty met een zichtbaar glanzende afwerking. Bekijk onze glanspanty's, van rustig glanzend tot modellen die ongeveer hun eigen lichtbron meenemen.
Gloss / glossy – Engelse termen voor een glanzende of hoogglanzende afwerking.
Gradient – Kleurverloop waarbij een tint geleidelijk lichter, donkerder of anders van kleur wordt over het been.
Graduated compression – Geleidelijke compressie waarbij de druk doorgaans het sterkst is rond de enkel en naar boven toe afneemt.
Gusset – Engels voor een inzet- of kruisstuk in een panty. Dit extra stukje stof kan bijdragen aan pasvorm, bewegingsruimte, stevigheid en comfort.
Heuppanty – Panty met een lager uitgesneden taille die meer op de heupen rust dan een traditionele hoge taille.
High waist / hoge taille – Panty met een tailleband die hoger op buik of middel valt. Kan prettig zijn voor extra bedekking of ondersteuning.
Hold-up – Zelfophoudende kous die door middel van elastiek en meestal siliconenstroken rond het bovenbeen blijft zitten. Geen panty, maar wel zo vaak in dezelfde zoekopdracht terechtgekomen dat we hem niet buiten het woordenboek durven te sluiten.
Huidskleur panty – Panty in een tint die bedoeld is om natuurlijk bij de huid aan te sluiten. Omdat huidtinten nogal de onhebbelijke gewoonte hebben niet allemaal hetzelfde te zijn, bestaan ze gelukkig in veel verschillende kleuren.
Invisible toe – Teenafwerking met nauwelijks zichtbare versteviging. Bedoeld om de overgang rond de tenen zo onopvallend mogelijk te houden. Zie ook sandal toe.
Inzetstuk – Extra stuk materiaal dat in een kledingstuk is verwerkt, bijvoorbeeld in het kruis van een panty. Zie ook gusset en kruisstuk.
Jarretelgordel – Lingerie-item met bandjes en clips waarmee traditionele kousen worden opgehouden. Niet nodig bij stay-ups, maar wel een klassieker.
Jarretelmotief – Ontwerp waarbij een panty de uitstraling van jarretels en losse kousen nabootst, terwijl het kledingstuk uit één geheel bestaat.
Jarretelpanty – Panty waarvan het ontwerp lijkt op een jarretelgordel met kousen of waarbij delen rond heupen en bovenbenen open zijn. Internationaal ook vaak suspender tights genoemd.
Kanten broekje – Bovendeel van een panty waarin kant is verwerkt voor een decoratieve of luxere uitstraling.
Katoenen kruisje – Kruisstuk met katoen aan de binnenzijde. Bedoeld voor extra comfort en een zachter, absorberender gevoel.
Keyhole – Kleine opening die bij sommige traditionele kousconstructies bovenaan de achternaad voorkomt en samenhangt met de afwerking van fully fashioned stockings.
Kniekous – Kous die tot vlak onder de knie komt. Geen panty, maar uiteraard wel familie in de grote chaotische stamboom der beenmode.
Kousenbroek – Vlaamse benaming voor wat in Nederland meestal een panty of maillot wordt genoemd. Handig om te weten wanneer een Belgische klant een kousenbroek zoekt en wij niet naar de afdeling broeken hoeven te rennen.
Kruisloos / kruisloze panty – Panty met een opening in het kruis. Ook bekend als open kruis panty, panty zonder kruisje, ouvert en crotchless.
Kruisnaad – Naad in het kruis- of broekgedeelte waarmee delen van de panty aan elkaar zijn verbonden.
Kruisstuk – Extra inzetstuk in het kruis voor pasvorm, stevigheid of comfort. In het Engels gusset.
Lace top – Kanten bovenband, vooral bekend van stay-up- en hold-upkousen.
Ladder – Verticale beschadiging die ontstaat wanneer steken of draden in het breiwerk loslopen. In het Engels een run. Heeft de bijzondere eigenschap vrijwel altijd te verschijnen wanneer er geen reservepanty in de buurt is.
Ladderbestendig – Panty waarvan constructie of materiaal is ontworpen om het ontstaan of verder uitlopen van ladders te beperken. Zie ook anti-ladder en run-resistant.
Laddervrije panty – Veelgebruikte commerciële benaming voor een panty die beter bestand is tegen ladders. Neem het woord 'vrij' niet al te letterlijk: een ontmoeting met prikkeldraad blijft ook voor deze categorie onverstandig.
Legging – Nauw aansluitende beenbedekking zonder voeten. Dikker dan veel footless panty's en doorgaans bedoeld als zelfstandig kledingstuk.
Lycra – Merknaam voor elastaanvezel. Wordt in de volksmond vaak gebruikt alsof het een aparte materiaalsoort is, maar technisch gaat het om elastaan.
Lunchpanty – Liefkozende SOSHIN-benaming voor de strippanty en tegenwoordig ook de panty met open kruis. Bijzonder praktisch wanneer je 's middags even naar huis gaat om te eten en je partner dit écht heel erg op prijs stelt. Of er tijdens de lunchpauze daadwerkelijk gegeten wordt, is voor de definitie niet van belang.
Maillot – Dikkere, meestal meer dekkende beenbedekking uit één stuk. In de praktijk is er geen universele harde deniergrens waarop een panty plotseling officieel promoveert tot maillot.
Mat / matte panty – Panty die weinig licht weerkaatst en daardoor een rustige, niet-glanzende uitstraling heeft. Bekijk onze matte panty's.
Microfiber / microvezel – Zeer fijne synthetische vezels die een zachte, gladde en vaak wat vollere stof kunnen geven.
Mousse panty – Traditionele benaming voor een eenvoudige panty van rekbaar nylonmateriaal met een zachte, enigszins elastische structuur. Vooral bekend uit het klassieke basisassortiment.
Naadloos – Zonder bepaalde zichtbare of voelbare naden. Let goed op de productomschrijving: fabrikanten gebruiken het woord naadloos niet altijd voor exact dezelfde constructie.
Naadpanty – Panty met een zichtbare verticale lijn over de achterkant van de benen. Bekijk onze naadpanty's.
Netpanty – Panty waarvan het beenmateriaal uit een open netstructuur bestaat. Van piepkleine mazen tot grof visnet. Bekijk onze netpanty's.
Nude hosiery – Engelse verzamelterm voor beenmode in natuurlijke huidtinten.
Nylon – Sterke synthetische vezel die sinds de twintigste eeuw een hoofdrol speelt in panty's en kousen. Vaak gecombineerd met elastaan voor extra rek.
Nylons – Historische en informele benaming voor nylonkousen en later ook voor dunne nylon beenmode in bredere zin. Wie het woord gebruikt klinkt direct minstens 14% meer jaren vijftig.
Ondoorzichtig – Nederlands voor opaque: materiaal waar de huid nauwelijks of niet doorheen zichtbaar is.
Ondersteunende panty – Panty die extra druk of steun geeft aan benen of lichaam. De sterkte en verdeling daarvan verschillen per model; gebruik altijd de eigen maattabel en productinformatie.
One size – Eén maat die volgens de fabrikant geschikt is voor een bepaalde bandbreedte van lichaamsmaten. Betekent nadrukkelijk niet 'past werkelijk iedereen op aarde'.
Opaque – Engelse term voor sterk dekkende of ondoorzichtige beenmode.
Open kruis panty – Panty met een opening in het kruis. Ook bekend als kruisloze panty, panty zonder kruisje, ouvert en crotchless panty. Sommige uitvoeringen vallen ook onder de strippanty's. Bekijk onze open kruis panty's.
Open toe – Panty waarbij de tenen geheel of gedeeltelijk vrij blijven. Niet hetzelfde als sandal toe, waarbij er juist wél stof over de tenen loopt.
Ouvert – Franse term die letterlijk 'open' betekent. In lingerie en beenmode wordt hiermee meestal een open kruis bedoeld. Ook bekend als open kruis, kruisloos of crotchless.
Panty – Beenmode uit één stuk waarbij twee kousbenen via een broekgedeelte met elkaar zijn verbonden. In Amerikaans Engels meestal pantyhose, in Brits Engels vaak tights en in Vlaanderen kom je onder andere kousenbroek tegen. Ook verantwoordelijk voor ontelbare momenten waarop mensen op één been door een slaapkamer hebben staan hinkelen.
Pantybroekje – Het bovenste, slipachtige gedeelte van een panty. Kan transparant, verstevigd, corrigerend, naadloos of decoratief uitgevoerd zijn.
Pantyhose – Vooral Amerikaanse Engelse benaming voor panty's.
Pantykous – Term die voor panty's of pantyachtige kousen wordt gebruikt. De precieze betekenis kan per winkel, fabrikant of regio verschillen.
Pantymaat – Maat waarin een panty wordt aangeboden. Kan worden aangeduid met S/M/L, gecombineerde maten, cijfers of een merkgebonden systeem. Gebruik daarom altijd de specifieke maattabel van het artikel.
Pantysokje – Kort sokje van dun pantymateriaal, meestal tot rond de enkel. Handig in schoenen wanneer je wel een dun laagje wilt maar geen volledige panty.
Plakband / plakrand – Band met siliconen aan de binnenzijde die helpt om een artikel op zijn plaats te houden. Komt onder andere voor bij stay-ups en sommige bijzondere pantymodellen.
Plus size – Internationale benaming voor grotere maten. Bij panty's gaat het niet alleen om een groter maatlabel; goede plus-sizeconstructies bieden vaak extra ruimte in broekgedeelte, heupen of benen.
Polyamide / poliamide – Familie van synthetische vezels waartoe nylon behoort. Op Europese etiketten zie je vaak polyamide staan waar in de dagelijkse taal nylon wordt gezegd.
Queen size – Vooral Engelstalige maatbenaming voor panty's met ruimere afmetingen in broekgedeelte en benen. Vergelijkbaar met wat tegenwoordig meestal plus size of grote maten wordt genoemd.
Reinforced heel – Versterkte hiel met dichter of steviger materiaal om slijtage tegen te gaan.
Reinforced heel and toe / RHT – Klassieke constructie waarbij zowel hiel als tenen extra zijn verstevigd.
Reinforced toe – Versterkt teengedeelte met dichter of steviger breiwerk om slijtage en beschadiging rond de tenen te beperken.
Reinforced top – Verstevigd boven- of broekgedeelte dat extra ondersteuning of duurzaamheid geeft.
Run – Engels voor een ladder in panty of kous: een beschadiging waarbij steken verder loslopen door het breiwerk.
Run-resistant – Ontworpen om beschadigingen minder gemakkelijk uit te laten lopen tot een volledige ladder. Zie ook anti-ladder.
Sandal foot – Panty waarbij voet en tenen zo transparant en onopvallend mogelijk zijn uitgevoerd, bedoeld voor schoenen waarbij een zware versteviging zichtbaar zou zijn.
Sandal toe – Zeer lichte of nauwelijks zichtbare teenversteviging. Geschikt wanneer je een subtiele teenafwerking wilt. Niet hetzelfde als open toe of toeless.
Semi-opaque – Gedeeltelijk dekkend: meer bedekking dan sheer, maar nog niet volledig ondoorzichtig.
Semi-sheer – Halftransparante beenmode tussen zeer transparant en meer dekkend in.
Shadow toe – Licht verstevigd teengedeelte dat zichtbaarder is dan een volledig transparante sheer toe, maar subtieler dan een zware klassieke teenversteviging.
Shaping – Constructie waarbij bepaalde delen steviger zijn gebreid om buik, taille, heupen, billen of bovenbenen gladder te vormen.
Sheen – Zachte, subtiele glans. Minder uitgesproken dan hoogglans.
Sheer – Transparant of zeer dun. Bij beenmode meestal gebruikt voor modellen waarbij de huid duidelijk zichtbaar blijft.
Sheer toe – Teenstuk dat qua transparantie vrijwel gelijk is aan het beenmateriaal en geen duidelijke zware versteviging heeft.
Sheer-to-waist / STW – Panty waarbij het transparante materiaal en uiterlijk doorlopen tot hoog in het broekgedeelte, zonder duidelijk zichtbaar steviger broekje.
Shimmer – Licht glanzend of fonkelend effect op het been, vaak subtieler dan uitgesproken glossy.
Siliconenband / siliconen plakstrip – Siliconenstrook aan de binnenkant van een band die extra grip op de huid geeft. Vooral bekend van stay-upkousen.
Snag – Haakje of lusje dat ontstaat wanneer een draad ergens achter blijft haken. Kan onschuldig blijven, maar is ook graag het voorprogramma van een ladder.
Spandex – Vooral Amerikaanse benaming voor elastaan.
Stay-up – Zelfophoudende kous met een band die meestal siliconen bevat zodat de kous zonder jarretels op het bovenbeen blijft zitten.
Steunpanty – Panty die extra ondersteuning aan benen geeft. De druk kan per model sterk verschillen; niet iedere steunpanty is medische compressiekleding.
Stirrup tights – Voetloze panty of legging met een band die onder de voet doorloopt zodat het artikel beter op zijn plaats blijft.
Stocking top – Bovenste deel van een kous. Kan bestaan uit een eenvoudige boord, kant, siliconen of een verstevigde rand voor jarretelclips.
Stockings – Engels voor kousen die ieder been afzonderlijk bedekken. In tegenstelling tot pantyhose zijn beide benen niet met een broekgedeelte verbonden.
Strippanty – Panty met een open of gemakkelijk toegankelijk kruisgedeelte, vaak bedoeld als spannend model. Verwant aan de open kruis panty, ouvert en crotchless panty. Tevens één van de oorspronkelijke grondleggers van de lunchpanty.
Suspender panty / suspender tights – Engelse benaming voor panty's waarvan het ontwerp jarretels en losse kousen nabootst of waarbij delen rond heupen en bovenbenen open zijn.
Tailleband – Bovenste elastische rand die de panty rond middel of heupen op zijn plaats houdt.
Tanning effect – Effect waarbij een huidskleurige panty de benen optisch een iets gebruindere of egalere uitstraling geeft zonder dat daar zon of vakantie voor nodig is.
T-band – Benaming die sommige fabrikanten gebruiken voor een zachte of anders geconstrueerde tailleband die minder moet knellen. De precieze uitvoering verschilt per merk.
Teenloos – Panty waarbij de tenen vrij blijven. Zie ook toeless en open toe.
Teennaad – Naad rond of bij het teengedeelte waar het pantymateriaal wordt gesloten.
Teenversteviging – Extra stevig materiaal rond de tenen om slijtage te beperken. Zie ook reinforced toe.
Thermopanty – Panty die speciaal is ontworpen voor extra warmte, bijvoorbeeld door dikker materiaal, isolerende vezels of een zachte voering. Bekijk onze thermopanty's.
Tights – Britse Engelse term voor beenmode uit één stuk vanaf de taille. Kan zowel dunne panty's als dikkere maillots omvatten, afhankelijk van context.
Toeless – Engelse benaming voor een panty waarbij de tenen vrij zijn. Handig bij open schoenen, sandalen of wanneer je pedicure ook iets van de buitenwereld wil zien.
Transparant – Doorschijnend materiaal waarbij de huid duidelijk zichtbaar blijft.
Ultra sheer – Zeer dunne en transparante beenmode, bedoeld voor een zo licht en natuurlijk mogelijke uitstraling.
Ultra thin – Algemene Engelse productterm voor bijzonder dun materiaal. Minder technisch vastomlijnd dan denier en dus vooral een commerciële omschrijving.
Versterkt broekgedeelte – Broekstuk van een panty dat dichter of steviger is gebreid dan de benen, meestal voor extra duurzaamheid of ondersteuning.
Versterkte hiel – Extra stevig materiaal rond de hiel om slijtage te verminderen. Zie ook reinforced heel.
Versterkte teen – Extra stevig teengedeelte voor meer weerstand tegen slijtage. Zie ook reinforced toe.
Visnet / visnetpanty – Panty met duidelijk zichtbare open mazen die doen denken aan een net. De mazen kunnen zeer fijn of juist opvallend grof zijn.
Waistband – Engelse benaming voor tailleband.
Warmtepanty – Algemene benaming voor een panty die bedoeld is om extra warmte te bieden. Zie ook thermopanty en winterpanty.
Welt – Stevig bovenstuk van een traditionele kous. Geeft structuur aan de bovenzijde en kan dienen als gedeelte waarop jarretelclips worden bevestigd.
Winterpanty – Dikkere of warmere panty voor koude omstandigheden. Kan bestaan uit hoge denier, warme vezels of een voering.
Wolpanty – Panty of maillot waarin wol is verwerkt voor warmte en een zachtere winterse uitstraling.
X – Zelfs na intensief speurwerk weigert de panty-industrie voorlopig een werkelijk nuttige pantyterm met een X aan te leveren. Zelfs Het Grote Panty Woordenboek heeft grenzen.
Yarn – Engels voor garen: de draad waaruit panty's en andere beenmode worden gebreid.
Zokki – Japanse constructieterm voor panty's waarbij elastisch, omwikkeld garen uitgebreid door het artikel wordt verwerkt. Dit kan zorgen voor een gelijkmatige rek en aansluiting. Eindelijk bewijs dat de letter Z niet uitsluitend is uitgevonden voor zwangerschapspanty's.
Zomerpanty – Dunne, lichte panty voor warmere omstandigheden, meestal met een lage denier en veel transparantie.
Zwangerschapspanty – Panty met een bovenstuk dat speciaal is ontworpen om ruimte en comfort te bieden aan een groeiende buik.
Alle hierboven genoemde termen + ‘tje’ erachter – De manier waarop de veel te vroeg overleden vertegenwoordiger en topvent Willem Takx tijdens onze gezamenlijke koopsessies steevast over zijn artikelen praatte. Een panty was een pantytje, een kleur een kleurtje en denier een deniertje. We hebben jarenlang heel fijn met Willem samengewerkt en daarom verdient zijn geheel eigen beenmodetaal een vaste plek in Het Grote Panty Woordenboek.
Nog niet uitgelezen? Ga terug naar De SOSHIN Gids voor panty's of bekijk onze complete collectie panty's.
Zoek de bestelling die u wilt herroepen
Voer uw e-mailadres en bestelnummer in.
Controleer uw e-mail
Als uw gegevens overeenkomen met een bestelling, ontvangt u een e-mail met een link om deze te bekijken en te beheren.
Met een account blijven artikelen bewaard in je shoppingbag, kun je bestellingen nakijken en een handig verlanglijstje maken!
Account aanmakenJe hebt nog geen artikelen in je Shoppingbag